|
| < Vorige |
Een monumentale villa:
‘Duin en Dennen’, pagina 3 |
|
|
Tineke Kolff-Sutherland
kijkt peinzend in de vijver van het vroegere huis van haar schoonvader,
waarin zij zelf ook vele jaren heeft gewoond. "Volgens
mij", zegt ze, "liggen er op de bodem van deze vijver
nog een heleboel Dinky Toys van mijn kinderen. "De vooroorlogse
villa achter haar is mooi, maar het duinlandschap er omheen
is adembenemend. Zo zag heel Wassenaar er vroeger uit. Villa
Nijenhorst aan de Koekoekslaan staat al geruime tijd te koop
en omdat het huis niet bewoond is, vond de heer Carel van der
Schalk Kamberg van het makelaarskantoor Schouwenhaghe het geen
bezwaar ons in dit kapitale pand rond te leiden. Het is altijd
leuk om te zien welke opvattingen de vooroorlogse (het huis
is in 1925 gebouwd) 'rijken' hadden over het bouwen van een
eigen villa.
De entree is al direct indrukwekkend.
Een grote hal met open haard en een brede 'luxe' trap naar de
bovenverdieping. Vanuit de hal kijk je in de woonkamer, met
daarnaast, in elkaar overlopend, de herenkamer, de eetkamer
en de serre. Alles met een weids uitzicht op een tuin op welks
schoonheid wij graag straks terugkomen.
Een keuken waarin de kok van een weeshuis zich royaal zou kunnen
bewegen en allerlei andere kleinere dienstvertrekken completeren
de benedenverdieping. Op de eerste verdieping en de zolderverdieping
van hetzelfde laken een pak. Véél slaapkamers,
drie badkamers, douches, kleedkamers, kortom een 'bak' van een
huis. |
Kolff
Gegevens over de oorsprong van het huis zijn niet moeilijk te
krijgen, omdat de zoon van de eerste eigenaar nog in Wassenaar
woont. Herman Kolff (CBCD XVIIw - Erelid Familievereniging [Ed.]):
"Mijn vader was een Rotterdammer en had een Rijnrederij
onder de naam 'Helvetia'. Toen hij veertig jaar was verkocht
hij de zaak aan een Franse groep en sindsdien heeft hij nooit
meer gewerkt." Dit verhaal bevestigt de stelling dat met
name Wassenaar-Zuid voor een groot deel ontstaan is door vermogende
Rotterdammers, die vanaf het begin van de twintigste eeuw het
Wassenaarse duinlandschap prefereerden boven de 'kale' Rotterdamse
villawijken Hillegersberg en Kralingen.
Tuin
Hermans vader, Jan Kolff, had zijn schaapjes dus op het droge
en kocht in 1925 in Wassenaar aan de Koekoekslaan een stuk grond
van naar schatting tienduizend vierkante meter. "Onze tuin,"
gaat Herman verder, "liep toen van de Schouwweg tot aan de Konijnenlaan.
Aan de kant van de Schouwweg liet mijn vader een tennisbaan
aanleggen en verder waren er een eendenvijver, konijnenhokken,
een moestuin en al dat soort leuke dingen." Overigens is de
grond om het huis, door verkoop van delen ervan, nu wat kleiner,
maar toch nog altijd zesduizend vierkante meter.
Duin
"Hermans vader," neemt zijn vrouw Tineke Kolff-Sutherland het
verhaal over, "noemde het huis Duin en Dennen. Jammer dat ze
de naam veranderd hebben, want kijk maar, het grootste deel
van de tuin bestaat uit duinen en dennen."
Je kunt, behalve direct achter het terras, waar een gazon en
een vijver zijn aangelegd, eigenlijk niet van een tuin spreken.
Het is een schitterend stuk oud duin, dat op en neer golft en
waarin wilde bomen en struiken vrij spel hebben.
Tineke en Herman hebben in dit huis vijf kinderen gekregen "en
daarbij", zegt Tineke, "heb ik drie kinderen uit een vorig huwelijk
van Herman opgevoed". "Het was een paradijs," verzucht zij,
"en een romantischer speelomgeving voor de kinderen kun je je
niet voorstellen. Als het etenstijd was, luidde ik een grote
bel die buiten aan de zijkant van het huis zat, om de kinderen
binnen te krijgen."
Oorlog
Tijdens de oorlog werd het huis gevorderd. Eerst door de Grüne
Polizei en daarna door de Nederlandse NSB-ers. De familie
Kolff week toen uit naar, onder meer, Warmond. In het boek Wassenaar
in de Tweede Wereldoorlog staat dit huis, met foto, op
bladzijde 270 genoemd. Veel Wassenaarders zijn hier verhoord
en behoorlijk afgetuigd. De laatste jaren is de villa verhuurd
aan buitenlanders. Janine Poot, die met man en drie kinderen
nu op de Konijnenlaan woont in de voormalige portierswoning
van Duin en Dennen, vertelt: "De laatste huurders waren
Amerikanen, die veel beesten hielden. Toen ik een keer een konijn
van ze terugbracht, dat in mijn tuin rondhopste, hoorde ik in
de woonkamer ineens een knorrend geluid achter mij. Dat kwam
van een hangbuikzwijntje dat daar vrolijk als huisdier rondliep.
Het is te hopen dat de nieuwe eigenaar gevoel voor het oude
duinlandschap heeft, want iemand die hier ook maar een struik
rooit of een boom kapt, hoort in de gevangenis." |
| Bronnen:
Sprekend Wassenaar, Uitgave 'De Nieuwe Haagsche', 2002, Ed. R. van
Lit, Red. C.D. Eisma, E.M.Ch.M. Janson, R. van Lit, drs. D. den Ouden
(ISBN 90-77032-27-4) |
Wassenaar in de Tweede Wereldoorlog,
Uitgave Stichting Wassenaar '40 - '45, 1995, Red. F.R. Hazenberg,
A.N.W. Kenens, R. van Lit (ISBN 90-802362-1-7) |
|
|